Gratis energiescan Subsidie extern advies

Subsidie extern advies

Subsidie thematisch advies (geldig tot 31 oktober 2012)

Op basis van de resultaten van de eerste energiescan bepaalt het bedrijf - in samenspraak met de opsteller van de energiescan - of het wenselijk en nuttig is dat het eerste advies gevolgd wordt door een grondige studie van een specifiek energiethema. Deze studie dient te worden uitgevoerd door specialisten van onafhankelijke energieadviesbureaus.

Dit thematisch advies wordt door het Agentschap Ondernemen financieel gesteund door 50% van de kost (excl. BTW) te subsidiëren (met een maximale subsidie van 5.000 euro).

Het extern adviesbureau kan vrij gekozen worden. Het mag geen leverancier van energie of energietechnologie zijn en de studie dient te worden uitgevoerd conform de minimale inhoud van het extern advies.

Criteria voor advies

Om in aanmerking te komen voor een tussenkomst bij het extern advies, dient de aanvrager te voldoen aan volgende criteria :

  • Voldoen aan de Europese definitie van een KMO (zie [1] hieronder)
  • Niet actief zijn in de landbouwsector
  • Zich als begunstigde van een overheidssubsidie houden aan de Europese ‘de minimis'-regeling (zie [2] hieronder)
  • De subsidie voor het thematisch advies niet cumuleren met steun verkregen via de KMO-portefeuille of andere maatregelen zoals opgesomd onder punt [3] hieronder
  • Akkoord gaan met de algemene werkwijze voor het inwinnen van een thematisch advies bij de uitvoering van het project ‘REG in KMO's' (zie [4] hieronder)

[1] Europese definitie van een KMO

Sinds 01/01/2005 is de volgende Europese definitie van kracht.

  1. Indien het bedrijf zelfstandig is, gelden de volgende definities:
      Werknemers Omzet   Balanstotaal
    Kleine ondernemingen < 50 VTE <= 10 miljoen euro 
     of 
    <= 10 miljoen euro 
    Middelgrote ondernemingen 
    < 250 VTE <= 50 miljoen euro
     of
    <= 43 miljoen euro
    Grote ondernemingen => 250 VTE > 50 miljoen euro
     en  > 43 miljoen euro

  2. In geval van partnerondernemingen of verbonden ondernemingen dient de som gemaakt te worden van het aantal tewerkgestelden in de verschillende ondernemingen en van hun omzetcijfer of balanstotaal (van de laatst neergelegde en goedgekeurde jaarrekening). Deze som dient aan de criteria in de bovenstaande tabel te voldoen.
  3. Europa onderscheidt 2 soorten aanverwante ondernemingen afhankelijk van het aandeel participatie:

    Partneronderneming Verbonden onderneming
    Aandeel participatie vanaf 25% t/m 50% van meer dan 50%
    Samen te tellen % van data % participatie 100%

  4. In geval van twijfel kan u steeds het Agentschap Ondernemen contacteren.


[2] Europese ‘de minimis'-regeling

Referentie

Verordening van de Commissie (EG) Nr. 1998/2006 van 15 december 2006 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de De-Minimissteun (Publicatieblad Nr. L 379, 28.12.2006, p.5), hierna genoemd "Verordening".

Toepassingsgebied

De Verordening is van toepassing op bedragen van staatssteun die van zo'n beperkte omvang zijn (zgn. De Minimis-steun) dat ze geen staatssteun vormen in de zin van artikel 87 (1) van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap. Deze bedragen worden geacht geen invloed te hebben op de tussenstaatse handel of mededinging.

De belangrijkste ‘De Minimis' regels :

  • Het totaalbedrag dat een bedrijf kan ontvangen als indirecte staatssteun is beperkt tot een plafond van 200.000 euro per drie jaar per onderneming. Indien de verstrekking van een bepaalde dienst in het kader van een gesubsidieerde dienstverlening ertoe leidt dat een onderneming het steunplafond zou overschrijden, is deze verplicht voor de bedoelde dienst het totaalbedrag te betalen, d.i. met inbegrip van het gedeelte dat voorzien was voor subsidie.
  • De drie opeenvolgende jaren hebben een mobiel karakter: voor elke steun toegekend onder de De Minimisregeling dient het bedrag bepaald te worden van De Minimis steun toegekend gedurende drie opeenvolgende fiscale jaren (incl. het lopende fiscale jaar).
  • De Minimis-steun mag niet gecumuleerd worden met staatssteun ten behoeve van dezelfde in aanmerking komende kosten, indien dat zou leiden tot overschrijding van de maximale steunhoeveelheid zoals vastgesteld in de diverse vrijstellingsverordeningen of in beschikkingen van de Europese Commissie.
  • Alle overheidssteun moet worden opgeteld, zelfs indien die geheel of gedeeltelijk uit communautaire middelen wordt gefinancierd.

[3] Steunmaatregelen waarmee niet gecumuleerd mag worden

De steun die wordt ontvangen in het kader van het EFRO-project ‘REG in KMO's' mag niet worden gecumuleerd met enige andere vorm van steun door de Vlaamse overheid. Hieronder vallen o.a. (niet limitatieve lijst) :

  • De KMO-portefeuille
  • IWT
  • PRODEM
  • ...

http://www.vlaanderen.be/kmoportefeuille
http://www.iwt.be
http://www.vito.be

Per bedrijfsvestiging komen maximaal 2 thematische adviezen in aanmerking voor subsidie.

[4] Werkwijze voor het inwinnen van extern advies

Indien het bedrijf verdere detailstudies wenst uit te voeren op basis van de resultaten van de energiescan,  kan het overgaan tot het vragen van prijsoffertes voor het met het Agentschap Ondernemen afgesproken thematisch advies. Er kunnen maximaal 2 adviezen per onderneming worden aangevraagd.

Belangrijke punten hierbij zijn:

  • Er dienen bij voorkeur twee of drie offertes door het bedrijf zelf aan een onafhankelijk studiebureau gevraagd te worden.
  • Het studiebureau mag zelf niet actief zijn als verdeler of installateur.
  • De offerte moet voldoen aan door het Agentschap Ondernemen gestelde eisen met betrekking tot de kwantitatieve inschatting van de mogelijkheden (besparingsmogelijkheid in kWh, in euro, voorgestelde investering in euro met geschatte terugverdientijd van minstens twee alternatieven).
  • Bereidheid van zowel bedrijf als studiebureau om de resultaten van de studie publiek te maken (op een anonieme manier).
  • Het thematisch advies moet zes weken na het goedkeuren van de offerte zijn afgerond.

Alle documenten (samenwerkingsovereenkomst, lastenboek extern advies, ...) kunnen bij de accountmanagers van uw provincie worden aangevraagd.